Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015
Onder 3.4.4. Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2418.
Het uitgangspunt van de wet is dat de pandhouder eerst tot een dergelijke herverpanding bevoegd is, als hij daartoe “ ondubbelzinnig ” toestemming heeft gekregen van de rechthebbende (de oorspronkelijke pandgever). Zoals Marell-nieuw terecht heeft opgemerkt is in het onderhavige geval gesteld noch gebleken van een dergelijke ondubbelzinnige toestemming. Integendeel, art. 14 van de pandovereenkomst tussen Marell-oud en Pegas verbiedt Pegas met zoveel woorden de in pand gegeven goederen te verpanden. Daarmee staat voorshands vast dat geen toestemming tot herverpanden is gegeven door Marell-oud, hetgeen inhoudt dat de herpandhouder (ABN AMRO) geen geldig pandrecht heeft verkregen. Over (mogelijke) derdenbescherming in deze is door partijen niet gesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e29a4e6d457d74212bed147cb9438f12be798abce7b9594866af126dd991a9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e29a4e6d457d74212bed147cb9438f12be798abce7b9594866af126dd991a9e, en de alinea staat in dat document op bytes 15669 tot 16481.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e29a4e6d457d74212bed147cb9438f12be798abce7b9594866af126dd991a9e | shasum -a 256