Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015

Onder 2.6.2 Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 oktober 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2418.

Ik kom tot dezelfde bevinding. De problematiek van het arrest IAE/Neo-River moet worden onderscheiden van de onderhavige problematiek. Het arrest betreft de allocatie van bevoegdheden met betrekking tot het voortbestaan van de (rechtsverhouding die ten grondslag ligt aan de) vordering die is verpand. De onderhavige zaak betreft de reikwijdte van de inningsbevoegdheid van de pandhouder van een vordering. De wet kent in art. 3:246 lid 1 BW aan de pandhouder de inningsbevoegdheid toe. Hoewel de wet niet met zoveel woorden bepaalt dat de openbaar pandhouder bevoegd is om een aan de verpande vordering verbonden zekerheidsrecht uit te oefenen, ligt dit wel in de wet besloten. Bovendien zijn de bij 2.4.2 bedoelde argumenten dezelfde gebleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e29a4e6d457d74212bed147cb9438f12be798abce7b9594866af126dd991a9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e29a4e6d457d74212bed147cb9438f12be798abce7b9594866af126dd991a9e, en de alinea staat in dat document op bytes 30827 tot 31714.