Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015

Onder 4.2. Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2465.

Tijdens de behandeling op 12 juni 2014 heeft de meervoudige economische kamer vastgesteld dat de officier van justitie heeft verklaard geen medewerking te zullen verlenen aan het op 27 januari 2014 door de rechtbank gegeven bevel om de informanten die zijn bedoeld in drie CIE-verbalen te horen en evenmin een beroep te willen doen op toepassing van artikel 226a Sv. Nadat de officier van justitie om een heroverweging van dit bevel had gevraagd, heeft de rechtbank het bevel gehandhaafd, waarna de officier van justitie heeft verklaard bij zijn weigering te blijven. Vervolgens heeft de rechtbank, onder verwijzing naar artikel 349, derde lid, Sv en jurisprudentie, de niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie uitgesproken. De rechtbank heeft deze beslissing opgenomen in het zittingsproces-verbaal en daarin ook uitdrukkelijk vermeld dat er geen schriftelijk vonnis meer zal volgen, omdat de uitspraak al mondeling ter zitting door de rechtbank is gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3295f2d2c8739ceb7d7f69d59936ca45caf87451b9d844af296e0009bf571abd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3295f2d2c8739ceb7d7f69d59936ca45caf87451b9d844af296e0009bf571abd, en de alinea staat in dat document op bytes 8472 tot 9464.