Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015

Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2698.

18. Bij de beoordeling of uit door een verdachte gebezigde leugenachtige mededelingen kan worden afgeleid dat het slachtoffer door een samenweefsel van verdichtsels werd bewogen tot afgifte van een goed, tot het verlenen van een dienst, tot het ter beschikking stellen van gegevens, tot het aangaan van een schuld of tot het teniet doen van een inschuld als bedoeld in dat artikel, komt het volgens de Hoge Raad aan op alle omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoren de vertrouwenwekkende aard, het aantal en de indringendheid van de (geheel of gedeeltelijk) onware mededelingen in hun onderlinge samenhang, de mate waarin de in het algemeen in het maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid degene tot wie de mededelingen zijn gericht aanleiding had moeten geven de onwaarheid te onderkennen of zich daardoor niet te laten bedriegen en de persoonlijkheid van het slachtoffer. Daarbij moet sprake zijn van meer dan een enkele leugenachtige mededeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00a1d967e9f27fba121031963b5e1de7c7247ec2096a572243ae776d1f9ae192. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00a1d967e9f27fba121031963b5e1de7c7247ec2096a572243ae776d1f9ae192, en de alinea staat in dat document op bytes 31469 tot 32519.