Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015

Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:28.

Onderdeel 1 voert aan dat het hof in rov. 10 ten onrechte in het midden heeft gelaten of de opzegging van de relatie door [A] BV met ingang van 1 januari 2009 kan worden toegerekend aan de procespartij [verweerster]. Volgens M Sure had het hof op dit punt niet mogen volstaan met een hypothetische grondslag. M Sure had in de procedure bij het hof betoogd dat de opzegging d.d. 7 augustus 2008 weliswaar op briefpapier van [A] BV was gesteld, maar in feite door de procespartij [verweerster] is opgesteld en door haar directeur ondertekend. M Sure beschouwt dit als een opzegging van de contractuele relatie door [verweerster] (de procespartij) zelf; niet slechts als de opzegging door één van de betrokken verzekeringnemers.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/11a8bf21374f4b5eed46c9b3f079c47b3b101bcbf8404b4178160297a3e7cd73. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 11a8bf21374f4b5eed46c9b3f079c47b3b101bcbf8404b4178160297a3e7cd73, en de alinea staat in dat document op bytes 27316 tot 28056.