Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015

Onder 4.6.1. Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:3.

Artikel 5:35 Awb bepaalt dat de bevoegdheid tot invordering van een verbeurde dwangsom verjaart door verloop van een jaar na de dag waarop zij is verbeurd. Uit de Memorie van Toelichting bij dit artikel volgt dat de bepalingen van afdeling 4.4.3 Awb inzake stuiting en verlenging van de verjaringstermijn ook op de verjaringstermijn van artikel 5:35 Awb van toepassing zijn (Kamerstukken II, 2003-2004, 29 702, nr. 3, blz. 114). Artikel 4:105 Awb bepaalt dat de verjaring wordt gestuit door een daad van rechtsvervolging overeenkomstig artikel 3:316 lid 1 BW (lid 1) en door erkenning van het recht op betaling (lid 2). Artikel 4:106 Awb bepaalt voorts dat het bestuursorgaan de verjaring ook kan stuiten door een aanmaning als bedoeld in artikel 4:112 Awb, een beschikking tot verrekening of een dwangbevel dan wel door een daad van tenuitvoerlegging van een dwangbevel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75, en de alinea staat in dat document op bytes 12545 tot 13430.