Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:3.

Met deze uitspraak, waarop kritiek is gekomen , lijkt de Afdeling - impliciet - te hebben geoordeeld dat aan de invorderingsbeschikking geen stuitende werking toekomt. Immers, ondanks het feit dat binnen de verjaringstermijn een invorderingsbeschikking was gegeven, heeft de Afdeling overwogen dat de verjaring niet rechtsgeldig was gestuit . De Afdeling heeft in de weergegeven overweging aangegeven hoe de derde in gevallen als deze zijn rechten kan veiligstellen. De derde zou de gemeente kunnen verzoeken de verjaringstermijn te stuiten of te verlengen door middel van uitstel van betaling. Bij afwijzing van zijn verzoek zou hij bij de bevoegde rechter een voorlopige voorziening kunnen vorderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75, en de alinea staat in dat document op bytes 33329 tot 34169.