Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015
Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:3.
Overigens miskent de klacht dat, zoals het hof terecht tot uitgangspunt heeft genomen, in de Awb de verschillende stappen bij het invorderen van dwangsommen nauwkeurig zijn onderscheiden . Uit art. 5:37 lid 1 Awb volgt dat het bestuursorgaan allereerst “omtrent de invordering van de dwangsom” beslist. Hetzelfde artikellid bepaalt dat deze invorderingsbeschikking wordt gegeven “alvorens aan te manen” . Derhalve kan eerst na de invorderingsbeschikking worden aangemaand. De aanmaning is geregeld in art. 4:112 Awb, in welk artikel ook is vermeld aan welke eisen de aanmaning moet voldoen . Art. 4:117 lid 1 bepaalt vervolgens dat, wanneer binnen de overeenkomstig art. 4:112 gestelde aanmaningstermijn niet volledig is betaald, een dwangbevel kan worden uitgevaardigd. In de MvT wordt over de stappen in het invorderingsproces onder meer het volgende opgemerkt :
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75, en de alinea staat in dat document op bytes 40369 tot 41513.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e7a0c039d36f211246e62801d1f2ffb8c49486b870d29738d948d132accf2f75 | shasum -a 256