Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2015

Onder 2.45 Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:356.

Toepassing van het gelijkwaardigheidsbeginsel verlangt een vergelijking met een “soortgelijke” of “vergelijkbare” nationale “vordering” . Daarvan is sprake als de vordering op grond van het Unierecht en de vordering op grond van het nationale recht vergelijkbaar zijn voor wat betreft “hun voorwerp, de oorzaak en voornaamste kenmerken” . Bij de beoordeling moeten de verschillende aspecten van de “procedurevoorschriften” niet los van elkaar worden onderzocht, maar in hun algemene context worden geplaatst. Bovendien mag volgens het HvJ een “dergelijk onderzoek niet subjectief op basis van de feitelijke omstandigheden worden verricht, doch moet het een objectieve en abstracte vergelijking van de betrokken procedurevoorschriften behelzen” . Volgens het HvJ komen alleen louter nationale “vorderingen” in aanmerking om als vergelijkingsmaatstaf te dienen .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/80035270255d23f98c6d9dca06a7f72b7c327c5c31bddff3ba31d108d63c4dba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 80035270255d23f98c6d9dca06a7f72b7c327c5c31bddff3ba31d108d63c4dba, en de alinea staat in dat document op bytes 100827 tot 102097.