Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2015

Onder 3.4. Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:377.

8. Het voorgaande onderstreept het belang en de zinvolheid van onderbouwing van het aanhoudingsverzoek met bewijsstukken en de waarschuwing van de Hoge Raad dat de verdachte die zich op ziekte beroept en daarop zijn aanhoudingsverzoek baseert, er in beginsel niet van uit mag gaan dat zijn verzoek zonder meer wordt ingewilligd. Of de ziekmelding aannemelijk en van voldoende gewicht is dan wel of het belang van een behoorlijke strafvordering moet prevaleren boven het belang van de verdachte bij aanhouding van de behandeling van zijn zaak en diens aanwezigheidsrecht, staat dan immers nog ter beoordeling van de feitenrechter die met het oog daarop bovendien de verstrekking van aanvullende gegevens wenselijk en nodig kan achten. Indien een verzoek onvoldoende door bewijsstukken is gestaafd of indien aan het verlangen van de feitenrechter tot aanvulling van gegevens niet of niet genoegzaam is voldaan, staat het de feitenrechter vrij om daaraan gevolgtrekkingen te verbinden. Oordelen en beslissingen daarover kunnen in cassatie slechts op hun begrijpelijkheid worden getoetst, aldus de Hoge Raad in het voormelde arrest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ccefd65ef0fbe5b01d2ad57b2d7cbb8ac0c151a37093f2a7cfed17752d79a14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ccefd65ef0fbe5b01d2ad57b2d7cbb8ac0c151a37093f2a7cfed17752d79a14, en de alinea staat in dat document op bytes 14091 tot 15296.