Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015

Onder 4.9. Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:387.

De Rechtbank heeft het voorgaande miskend. Gelet op hetgeen namens klaagster is aangevoerd, was er voor de Rechtbank alle reden om te onderzoeken of de voortzetting van het beslag in overeenstemming was met in het bijzonder de eis van subsidiariteit. Ik merk daarbij op dat de Rechtbank heeft geoordeeld dat het belang van de strafvordering gelegen was in het veiligstellen van de executie. Dat is in het kader van de inbeslagneming een legitiem belang. De reden waarom de OvJ zich tegen de verkoop verzette, heeft met dat legitieme belang niets van doen. Daarom riekt dat verzet naar détournement de pouvoir. Bovendien staat dat verzet, gezien de kennisgeving van niet verdere vervolging die de koper heeft gekregen, op gespannen voet met de onschuldpresumptie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e5026a7e3e732996ba10e33ee36f8b4237799e8a01f01f13acacbb4fb23b985. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e5026a7e3e732996ba10e33ee36f8b4237799e8a01f01f13acacbb4fb23b985, en de alinea staat in dat document op bytes 22153 tot 22994.