Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2015

Onder 2.8. Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:401.

In de rechtspraak van het gerechtshof Amsterdam kwam art. 35 Wet Bopz onder meer aan de orde in een beschikking van 6 maart 2012 . Het hof wees een verzoek om schadevergoeding af, hoewel sprake was van een termijnoverschrijding. Volgens het hof leidt het enkele feit dat sprake is geweest van een termijnoverschrijding niet zonder meer tot de aanwezigheid van nadeel. In dit verband achtte het hof van belang dat tussen de betrokken partijen niet in geschil was dat de gedwongen opname van de betrokkene in de betreffende periode noodzakelijk en gerechtvaardigd was, gelet op zijn stoornis en het daaruit voortvloeiend gevaar: er was daarom geen sprake van een achteraf onjuist gebleken vrijheidsberoving, zoals bedoeld in artikel 5 EVRM. Daarnaast was naar het oordeel van het hof onvoldoende aannemelijk geworden dat de betrokkene als gevolg van de termijnoverschrijding in zodanige spanning en onzekerheid heeft verkeerd dat aanleiding bestaat voor het toekennen van een schadevergoeding. Daarbij speelde het beperkte realiteitsbesef van de betrokkene als gevolg van zijn ziektebeeld een rol, alsook het feit dat ontslag uit de instelling niet in de lijn der verwachting lag, gelet op zijn ziekteverloop.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2e4b6f988b0eb8f2ba5e7249d23a5b520119121bafe36e49410a4334214ce04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2e4b6f988b0eb8f2ba5e7249d23a5b520119121bafe36e49410a4334214ce04, en de alinea staat in dat document op bytes 25081 tot 26365.