Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015

Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:403.

“In het vorenstaande ligt besloten dat de rechter die een onderhoudsverplichting verlaagt met ingang van een vóór zijn uitspraak gelegen datum, steeds aan de hand van hetgeen ten processe is gebleken, zal moeten beoordelen in hoeverre een daaruit voortvloeiende terugbetalingsverplichting in redelijkheid kan worden aanvaard (vgl. HR 26 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2288, NJ 2009/304, en HR 4 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BR5310, NJ 2011/514). Hij is derhalve bij die beoordeling niet afhankelijk van een door de onderhoudsgerechtigde gevoerd, op die terugbetaling betrekking hebbend verweer.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a86ac90d7d193cbca20f39094bb2da859d6fe340ee460df174a11c73411e6bb0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a86ac90d7d193cbca20f39094bb2da859d6fe340ee460df174a11c73411e6bb0, en de alinea staat in dat document op bytes 23240 tot 23924.