Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015
Onder 2.8 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:406.
In haar noot onder dit arrest stelt Wortmann zich op het standpunt dat de rechten en verplichtingen bedoeld in art. 798 lid 1 Rv, persoonlijke, actuele en concrete rechten en verplichtingen betreffen en dat de rechten en verplichtingen van de zoons niet rechtstreeks betrokken zijn bij de zaak waarom het gaat, namelijk de machtiging tot opheffing van de huwelijkse voorwaarden. Zij merkt op dat weliswaar de opheffing van de huwelijkse voorwaarden de omvang van hun nalatenschap na overlijden van hun vader zal kunnen beïnvloeden, dat betreft evenwel niet de eigen rechten en verplichtingen van de zoons, laat staan dat deze rechtstreeks bij het verzoek om machtiging zijn betrokken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f89a077cefcc03284675ed4fbbdf62c7cf34d84e43589710f2152bb6b23502cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f89a077cefcc03284675ed4fbbdf62c7cf34d84e43589710f2152bb6b23502cb, en de alinea staat in dat document op bytes 18084 tot 18847.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f89a077cefcc03284675ed4fbbdf62c7cf34d84e43589710f2152bb6b23502cb | shasum -a 256