Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015

Onder 2.18 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:406.

In het verweerschrift wordt erkend dat door de curatoren is getracht tot een minnelijke oplossing te komen door [verzoeker] een aanbod te doen het pand te kopen tegen de waarde in bewoonde staat maar wordt betwist dat [verzoeker] daartoe in staat was. Voorts wordt erkend dat [verweerder 1] op 18 november 2013 aan [verzoeker] een termijn heeft gegeven om voor 15 januari 2014 financiering te verkrijgen van tenminste € 150.000,- voor de aankoop van het pand . Op 14 januari 2013 heeft [verzoeker] aan [verweerder 1] bericht dat hij financiering kan verkrijgen van twee particulieren tot een bedrag van € 140.000,- en dat hij zelf € 10.000,- kan inbrengen . In het verweerschrift wordt daartegenover gesteld dat niet is voldaan aan de voorwaarde dat er een concreet financieringsaanbod onder normale voorwaarden aan [verweerder 1] is getoond .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f89a077cefcc03284675ed4fbbdf62c7cf34d84e43589710f2152bb6b23502cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f89a077cefcc03284675ed4fbbdf62c7cf34d84e43589710f2152bb6b23502cb, en de alinea staat in dat document op bytes 28068 tot 29122.