Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015
Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:409.
In cassatie wordt niet opgekomen tegen het door het hof in rechtsoverweging 4.5 vastgestelde feit dat [verweerder] slechts fase één, zij het zonder goed gevolg, heeft doorlopen en dat hij de fases twee tot en met vijf niet heeft gevolgd en wegens de voortijdige beëindiging van de overeenkomst door AIS ook niet heeft kunnen volgen . Het oordeel van het hof dat het niet volgen van die fases als een door [verweerder] niet ontvangen prestatie dient te worden beschouwd, is niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. Hetzelfde geldt voor de daaruit voortvloeiende redenering van het hof dat dan slechts fase één van de opleiding naar haar waarde op het tijdstip van de ontvangst op geld moet worden gewaardeerd. De omstandigheid dat [verweerder] gedurende ongeveer twintig maanden – dat is langer dan de geschatte periode van de gehele opleiding – de opleiding heeft gevolgd, maakt niet, althans niet per definitie, dat hij de overeengekomen prestatie volledig heeft ontvangen. Het feit dat de duur van de opleiding in de overeenkomst op achttien maanden wordt geschat, betekent nog niet dat als achttien maanden onderwijs is genoten de hele opleiding is gevolgd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee38568ddc1db41b0204e1536fb02af73ffdcbc87f6dec9cae7ed0f0c425fd39. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee38568ddc1db41b0204e1536fb02af73ffdcbc87f6dec9cae7ed0f0c425fd39, en de alinea staat in dat document op bytes 31840 tot 33092.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee38568ddc1db41b0204e1536fb02af73ffdcbc87f6dec9cae7ed0f0c425fd39 | shasum -a 256