Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015

Onder 7.3.3. Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:41.

7.3.3.2. Ten aanzien van de betalingen (feit 6) van facturen van [E], [F] BV en [D] BV, overweegt het hof als volgt. Uit de verklaring van de verdachte, zoals opgenomen in de bewijsmiddelen, blijkt dat in de in feit 6 genoemde brieven van de vennootschap van de verdachte ([C] BV) aan [D] (met documentnummer D-1229 en D-1242) van 12 januari 2000 en de daarmee samenhangende brieven van [D] aan [C] BV van 15 respectievelijk 17 december 1999 (D-0277 en D-0282) zijn geantedateerd, en in werkelijkheid zijn opgemaakt in 2001. In deze brieven wordt (samengevat) tussen de [C] BV -vertegenwoordigd door de verdachte- en [D] overeengekomen dat [D] werkzaamheden zal verrichten in het project Solaris, en dat de [C] hem daarvoor zal betalen. Vervolgens zijn door [D] facturen gestuurd aan [C] die, gezien de op die facturen vermelde werkzaamheden, betrekking hebben op voormelde brieven. Nu de verdachte heeft verklaard dat te hoge bedragen zijn gefactureerd (of de werkzaamheden zoals op de facturen omschreven geheel niet door [D] zijn verricht), is het hof van oordeel dat de verdachte reeds op het moment van het opstellen van de brieven, waarin die werkzaamheden en de daarvoor gefactureerde bedragen zijn overeengekomen, kon weten dat de te betalen bedragen (te) hoog waren in vergelijking tot de door [D] daadwerkelijk te verrichten werkzaamheden. Het feit dat de verdachte op het moment van betalen van de facturen wist van het bestaan van het zogenoemde geldpotje binnen zijn onderneming, de facturen in opdracht van [betrokkene 1] zijn betaald en het feit dat genoemde brieven zijn geantedateerd, een en ander in samenhang bezien, brengt het hof tot het oordeel dat het niet anders kan dan dat de verdachte, als feitelijk leidinggevende van zijn vennootschap, wist dat de facturen dienden te worden betaald met gelden die waren opgepot op de rekening van zijn vennootschap om te worden doorgesluisd. Door voor te wenden dat de betalingen (geheel) dienden ter betaling van de op de facturen vermelde werkzaamheden, heeft de verdachte de werkelijke, misdadige aard van de betaalde geldbedragen verhuld na deze handelingen te hebben verricht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c14ebebb1c9db202b92dfe1f67f303c04533a3612cf7986b0a3a9753fd3b4010. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c14ebebb1c9db202b92dfe1f67f303c04533a3612cf7986b0a3a9753fd3b4010, en de alinea staat in dat document op bytes 105096 tot 107253.