Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015
Onder 7.3.3. Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:41.
7.3.3.5. Wel is het hof, met de verdediging, van oordeel dat de verdachte niet, zoals onder feiten 3, 6 en 10 ten laste is gelegd, heeft voorgewend dat de in die feiten bedoelde geldbedragen waren verkregen op grond van overeenkomsten tussen de vennootschap van de verdachte en Bouwfonds Vastgoedontwikkeling CV, maar dat dit in werkelijkheid juist het geval is geweest. In zoverre is derhalve geen sprake van -kortweg- het plegen van een handeling in de zin van artikel 420bis van het Wetboek van Strafrecht door de verdachte, zodat hij van deze onderdelen van de tenlastelegging zal worden vrijgesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c14ebebb1c9db202b92dfe1f67f303c04533a3612cf7986b0a3a9753fd3b4010. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c14ebebb1c9db202b92dfe1f67f303c04533a3612cf7986b0a3a9753fd3b4010, en de alinea staat in dat document op bytes 109348 tot 109967.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c14ebebb1c9db202b92dfe1f67f303c04533a3612cf7986b0a3a9753fd3b4010 | shasum -a 256