Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015

Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:455.

Het hof heeft in rov. 3.8 wel overwogen dat de leaseovereenkomst als zodanig rechtsgeldig is. Daarmee reageert het hof echter op het beroep van [eiser] (bij MvG) op de rechtsopvatting die nog ten grondslag lag aan het arrest van het hof Amsterdam van 12 april 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ1143 (vgl. ook de formulering van de hierop ziende overweging in de in noot 26 van deze conclusie genoemde arresten van het hof). Mogelijk heeft het hof in verband met de ‘twee-conclusie-regel’ het betoog van [eiser] bij Akte van 21 mei 2013, dus na de memorie van antwoord, buiten beschouwing gelaten. In dat betoog heeft [eiser] geen beroep gedaan op de Richtlijn of op art. 6:233 sub a BW. Ook in zoverre geeft het arrest mij geen aanleiding om te veronderstellen dat het hof impliciet een oordeel heeft gegeven over de (on)eerlijkheid van het beding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c70d2e929419b7b9e45c4abd1cf24a826db547cdc6d750a504c1d21709588278. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c70d2e929419b7b9e45c4abd1cf24a826db547cdc6d750a504c1d21709588278, en de alinea staat in dat document op bytes 60732 tot 61590.