Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015
Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:455.
Ook het hof komt tot de slotsom dat [eiser] daarin niet is geslaagd. Daarbij komt met name betekenis toe aan het feit dat, blijkens de verklaringen van zowel [eiser] en [betrokkene], [betrokkene] thuis was toen [eiser] in 1999 een financieel adviseur ontving. [betrokkene] heeft naar aanleiding daarvan en van hetgeen [eiser] haar blijkens zijn verklaring daarover gezegd heeft, moeten begrijpen dat [eiser] een relatief complex financieel product heeft aangeschaft dat (te zijner tijd) tot maandelijkse betalingen aanleiding zou geven. Het hof wijst in dit verband met name op de passage uit de door [eiser] als getuige afgelegde verklaring: “ In hele grote lijnen heb ik haar verteld dat er iets was om mee van start te gaan, om kapitaal op te bouwen, om een bestemming te geven aan het geld wat er over was per maand .”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c70d2e929419b7b9e45c4abd1cf24a826db547cdc6d750a504c1d21709588278. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c70d2e929419b7b9e45c4abd1cf24a826db547cdc6d750a504c1d21709588278, en de alinea staat in dat document op bytes 20015 tot 20887.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c70d2e929419b7b9e45c4abd1cf24a826db547cdc6d750a504c1d21709588278 | shasum -a 256