Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015
Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:46.
In de rechtsliteratuur is de strikte uitleg van art. art. 20, lid 2 en art. 21 WvK overwegend gekwalificeerd als te zwaar, hardvochtig, onevenredig en onbillijk . Deze kritiek heeft er mede toe geleid dat er pogingen zijn gedaan om de wettelijke regeling te wijzigen, laatstelijk in de vorm van het wetsvoorstel Personenvennootschappen . Geen van deze initiatieven heeft tot een wetswijziging geleid. Dat heeft niets te maken met bezwaren tegen de vormgeving van het bestuursverbod en de daarbij behorende sanctie in die voorstellen. Er bestonden andere redenen waarom deze initiatieven zijn gestrand. Ik vermeld nog dat in art. 7:837 lid 2 BW van het ingetrokken wetsvoorstel Personenvennootschappen was bepaald dat de commanditaire vennoot niet aansprakelijk is indien ‘zijn handelen deze verbondenheid niet of niet ten volle rechtvaardigt’. Dat is als volgt toegelicht:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aa77075843af266ecb360463d362b0a0d764d770093e0d1d2ddf91ad11d5477c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aa77075843af266ecb360463d362b0a0d764d770093e0d1d2ddf91ad11d5477c, en de alinea staat in dat document op bytes 46711 tot 47726.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aa77075843af266ecb360463d362b0a0d764d770093e0d1d2ddf91ad11d5477c | shasum -a 256