Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 4.23. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.
Een ondubbelzinnig antwoord op die vraag heb ik in de rechtspraak van de Hoge Raad niet kunnen vinden. Wel is het zo dat de Hoge Raad zelf de raadsman die zijn middelen wenst toe te lichten, tegenwoordig in beginsel niet meer spreektijd gunt dan twintig minuten (art. VIII Procesreglement Strafkamer Hoge Raad 2008). In handhaving van die regeling ziet de Hoge raad geen been. In dit verband kan gewezen worden op HR 23 mei 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD2361, waarin de wrakingskamer van de Hoge Raad oordeelde over een wrakingsverzoek dat (onder meer) was gedaan omdat de voorzitter het pleidooi na 65 minuten had afgebroken, terwijl vooraf een uur de tijd voor het pleidooi was gegeven. De Hoge Raad overwoog “ten overvloede” dat de voorzitter door aldus te handelen zijn taak als voorzitter op alleszins redelijke wijze had uitgeoefend. Veel zegt dit echter niet. Want de vraag is natuurlijk of de Hoge Raad wat hij zichzelf toestaat, ook aan de feitenrechter zal toestaan. Dat is niet de vraag omdat de Hoge Raad vergeleken kan worden met Jupiter en de feitenrechter met het rund, maar omdat de aard van de cassatieprocedure nu eenmaal anders is dan de strafprocedure in feitelijke aanleg. Ik kom daar nog op terug.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 63972 tot 65203.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80 | shasum -a 256