Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 4.29. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.
Het is tegen de achtergrond van deze voortschrijdende ‘verschriftelijking’ van het strafproces dat de opgeworpen rechtsvraag beantwoord moet worden. Ik meen dat tegen een op voorhand begrensde spreektijd geen principiële bezwaren bestaan mits gewaarborgd is dat de raadsman al hetgeen hij voor de verdediging van de verdachte dienstig acht in elk geval in schriftelijke vorm aan de rechter kan voorleggen. Dat betekent in het bijzonder dat de rechter bereid moet zijn de pleitnota in haar geheel als voorgedragen te beschouwen, ook als onderdelen daarvan niet in extenso mondeling zijn voorgedragen. Die invulling van het in art. 311 lid 2 Sv gegeven recht op pleidooi komt in de regel niet in strijd met art. 6 EVRM omdat immers van een werkelijke beknotting van het verdedigingsrecht geen sprake is. Evenmin staat, anders dan de raadslieden in feitelijke aanleg aanvoerden, de jurisprudentie van de Hoge Raad aan een dergelijke werkwijze in de weg. Het is inderdaad zo dat alle verweren en uitdrukkelijk onderbouwde standpunten ter terechtzitting moeten zijn voorgedragen, maar het gaat daarbij niet om een krampachtig hoog houden van de oraliteit van de procesvoering. Waar het wel om gaat, is dat op de terechtzitting door de verdediging duidelijkheid moet worden geschapen over de vraag welke verweren zij wenst te voeren en te handhaven. De Hoge Raad heeft er dan ook geen bezwaar tegen als een in eerste aanleg gevoerd verweer met (expliciete) instemming van het Hof als herhaald en ingelast wordt beschouwd. Met de fictie dat het verweer in hoger beroep mondeling is voorgedragen, wordt hier dus genoegen genomen. Er is dan ook geen reden om aan te nemen dat de Hoge Raad er bezwaren tegen heeft als de pleitnota met instemming van het Hof als in haar geheel voorgedragen wordt beschouwd, ook als dat in feite niet het geval zou zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 72186 tot 74174.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80 | shasum -a 256