Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 4.30. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.
Voor de duidelijkheid nog dit. Mijn standpunt is niet dat het requisitoir en het pleidooi eenvoudig kunnen worden vervangen door de overlegging van schriftelijke stukken. De raadsman zal in elk geval voldoende gelegenheid moeten krijgen om de kern van hetgeen hij wenst aan te voeren over het voetlicht te brengen. Een beperking van de tijdsduur die maakt dat de raadsman wordt belet om de hoofdlijnen van zijn pleidooi voor te dragen, acht ik dus onaanvaardbaar. Daarvoor zijn verschillende redenen aan te voeren. De mondelinge voordracht van de verweren maakt in de eerste plaats een ordentelijk debat op de zitting mogelijk. Repliceren en dupliceren is nu eenmaal niet goed mogelijk als men niet weet wat de tegenpartij heeft aangevoerd. In de tweede plaats brengt de eis van openbare gedingvoering mee dat het publiek moet weten waarom het in de strafzaak gaat. Het is daarbij ook een waarborg voor de verdachte dat hij zijn bezwaren tegen de tenlastelegging publiekelijk kan uiten. In de derde plaats kan een mondelinge voordracht van het pleidooi toegevoegde waarde hebben. Dat geldt in het bijzonder als de raadsman een begenadigd spreker is, die los weet te komen van het papier en zo nog eens in andere woorden de aandacht weet te vestigen op de essentiële punten van het betoog.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 74239 tot 75669.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80 | shasum -a 256