Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015

Onder 4.8. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.

Gelet op bovengenoemde omstandigheden is het hof van oordeel dat de verdediging redelijkerwijze alle ruimte heeft gehad om naar voren te brengen hetgeen zij meende ter verdediging van de belangen van verdachte naar voren te moeten brengen en dat verdachte aldus door de beperking van de spreektijd voor pleidooi niet in zijn belangen is geschaad. Daarbij wijst het hof er ook op dat een aantal door mr. Speijdel genoemde beperkingen waarover hij zich had willen uitlaten maar niet heeft kunnen uitlaten wegens de gestelde begrenzingen in tijd, wel degelijk door mr. De Bree naar voren zijn gebracht.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 39389 tot 40004.