Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 4.14. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.
Er is nog een ander verschil, dat van groter belang is. De Hoge Raad liet het middel als gezegd alleen onbesproken voor zover dat zich tegen de voorzittersbeslissing richtte. De Hoge Raad beoordeelde het middel wel voor zover het klaagde “dat het onderzoek ter terechtzitting nietig is omdat de verdachte niet overeenkomstig art. 311, tweede lid, Sv het woord heeft kunnen voeren”. Met die beoordeling was de Hoge Raad overigens snel klaar. Hij oordeelde kortweg dat het middel in zoverre feitelijke grondslag miste. Dat verschil is vermoedelijk terug te voeren op de wijze waarop de klacht in de schriftuur aan de vork wordt gestoken. Als het middel alleen over de voorzittersbeslissing klaagt, volstaat de Hoge Raad met het oordeel dat tegen die beslissing geen cassatie openstaat. Als het middel (tevens) over schending van art. 311 Sv klaagt, beoordeelt de Hoge Raad het middel (in zoverre) wel inhoudelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 47626 tot 48554.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80 | shasum -a 256