Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 4.17. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:477.
Als de hier gegeven duiding van de wijziging in de benadering door de Hoge Raad van klachten over een beperking van het pleidooi door de voorzitter van de strafkamer juist is (wat de tijd nog zal moeten leren), rijst de vraag waarom voor deze ‘terugtred’ is gekozen. Op het gevaar af in pure speculatie te vervallen, opper ik de volgende drie elkaar niet uitsluitende mogelijkheden. Een eerste mogelijkheid is dat het feit dat de wet schending van art. 311 lid 4 Sv met nietigheid bedreigt, een rol heeft gespeeld. Volgens de logica van de Wet vormverzuimen is voor enige relativering van deze formele nietigheid geen plaats. Dit is bij de essentiële nietigheid die de Hoge Raad aan schending van art. 311 lid 2 Sv verbindt, anders. Van het verschil in regime blijft praktisch gesproken niets over als alleen in duidelijke gevallen een schending wordt aangenomen. Een tweede mogelijkheid is dat de (gedachte achter) art. 80a RO een rol heeft gespeeld. Bij de gedachte dat de verdachte voldoende belang moet hebben bij zijn klacht past minder goed dat op alle slakken zout wordt gelegd. In dit verband is misschien een vergelijking met de andere koers die de Hoge Raad is gaan varen met betrekking tot klachten over de afwijzing van getuigenverzoeken, niet te gewaagd. Bij die koerswijziging beriep de Hoge Raad zich expliciet op art. 80a RO. Mogelijk moet dit zo begrepen worden dat de Hoge Raad alleen nog casseert als de afwijzing van het getuigenverzoek tot gevolg heeft gehad dat het proces ‘as a whole’ niet eerlijk is geweest. Hetzelfde geldt wellicht m.m. voor een beperking van de spreektijd. De derde mogelijkheid die ik wil noemen, is dat de Hoge Raad meer gewicht is gaan toekennen aan het belang van een goede organisatie van de rechtspleging en van een evenwichtige benutting van de schaarse zittingscapaciteit waardoor een vlotte doorstroming van zaken wordt bevorderd. De erkenning van dat belang heeft wellicht geleid tot een groter begrip voor voorzitters die oeverloze pleidooien pogen in te dammen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80, en de alinea staat in dat document op bytes 52088 tot 54320.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/018c76f0a7c5dbe8c129e4353ccf5615bbb31fadc396827ba4f18eaf9390fe80 | shasum -a 256