Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:481.
18. Wat de rechtspraak betreft, wijs ik ten slotte op het arrest van het Hof te ’s-Gravenhage van 19 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK9406, NJFS 2010/92. In die zaak ging het (onder meer) om uitbuiting van een aantal personen uit India afkomstig. Het Hof verklaarde het tenlastegelegde feit mensenhandel bewezen nu er sprake was van (excessief) lange werkdagen waarbij de slachtoffers illegaal in Nederland waren, zij op ieder willekeurig moment inzetbaar moesten zijn en de betaling niet overeenstemde met wat zou mogen worden verwacht voor het verrichten van dergelijke werkzaamheden. Voorts werden zij bedreigd en geslagen, waren de slaapomstandigheden slecht, hadden zij nauwelijks contact met de buitenwereld en geen eigen geld ter beschikking. Ook in die zaak was door de verdediging aangevoerd dat tripjes die de slachtoffers hadden gemaakt als contra-indicatie voor de veronderstelde uitbuitingssituatie dienden te worden bezien. Het Hof overwoog ter zake:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685, en de alinea staat in dat document op bytes 56224 tot 57202.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685 | shasum -a 256