Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Onder 2.4. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:481.
“Wanneer van uitbuiting kan worden gesproken heeft de wetgever aan de rechter overgelaten. In het kader van art. 273f (https://hybrid.kluwer.nl/docview)Sr is wel met een beroep op de wetsgeschiedenis verdedigd dat het belang van de bescherming van fundamentele mensenrechten hier voorop dient te staan. Alleen wanneer de menselijke waardigheid, de lichamelijke integriteit of de persoonlijke vrijheid in het geding zijn, zou er van uitbuiting sprake kunnen zijn. Bij gedwongen tewerkstelling in de seksindustrie ligt het aannemen van uitbuiting voor de hand. Maar ook gedwongen tewerkstelling zal uitbuiting opleveren omdat er sprake is van een inbreuk op de persoonlijke vrijheid. Uitbuiting veronderstelt een zekere mate van onvrijwilligheid of onderwerping. Dat behoeft geen totale feitelijke restrictie te betekenen, maar kan ook bestaan in het bemoeilijken van de mogelijkheid aan de situatie te ontkomen, in bedreigingen van achtergebleven relaties, in verregaande financiële afhankelijkheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685, en de alinea staat in dat document op bytes 63087 tot 64102.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da4b59692d8cbba025ca80adf0462ed2bdd35cf1f5ccf9b66adee6e448914685 | shasum -a 256