Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015

Onder 2.41 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:49.

Deze klachten falen, omdat de weging van de hier bedoelde omstandigheid in het kader van een beroep op art. 3:61 lid 2 BW is voorbehouden aan de feitenrechter en het hof de in subonderdeel 2.1 genoemde omstandigheden, voor zover relevant, heeft meegewogen (zie de bespreking van subonderdeel 2.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bbbba9e9c044267014dfb4d42e8caa8b9a40bbefb9f90668b6990f5f482a030. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bbbba9e9c044267014dfb4d42e8caa8b9a40bbefb9f90668b6990f5f482a030, en de alinea staat in dat document op bytes 64843 tot 65154.