Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015
Onder 5.14 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:492.
Het lijkt ons onwenselijk om in dergelijke discussies te verzanden zodat wij, mede om redenen van eenvoud en uitvoerbaarheid, de voorkeur eraan geven aansluiting te zoeken bij de "normale" regels van goed koopmansgebruik. Daarbij maakt het naar onze mening geen verschil of het uitstralingseffect van de waardering van de deelneming slechts invloed heeft op de verdeling van de totaalwinst over de verschillende jaren danwel of die waarderingswijze de totaalwinst als zodanig beïnvloedt. Een voorbeeld van een geval waarin slechts de verdeling van de totaalwinst wordt beïnvloed, betreft de casus van BNB 1979/181. De dotatie aan de egalisatiereserve zoals in die zaak aan de orde, leidt er immers slechts toe dat bepaalde voordelen op een later tijdstip in aanmerking worden genomen dan het geval is indien geen egalisatiereserve wordt gevormd. In het zo-even genoemde voorbeeld met betrekking tot de toepassing van art. 10d Wet VPB 1969 daarentegen is de rente die betrekking heeft op het teveel aan vreemd vermogen, definitief verloren gegaan en heeft de wijze van waardering van de deelneming invloed op de hoogte van de totaalwinst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f1033ccff29e3f6c8af8d65502565c5f04b0917062d383ab1fcc9c6e962f01d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f1033ccff29e3f6c8af8d65502565c5f04b0917062d383ab1fcc9c6e962f01d, en de alinea staat in dat document op bytes 74594 tot 75845.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3f1033ccff29e3f6c8af8d65502565c5f04b0917062d383ab1fcc9c6e962f01d | shasum -a 256