Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015

Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:492.

Het arrest HR BNB 1979/181, waarin de Hoge Raad toestond een vrijgestelde deelneming te (her)waarderen op werkelijke waarde (opgenomen in 5.11 – 5.20), doet hier volgens de Rechtbank niet aan af, nu, anders dan bij de deelnemingsvrijstelling, ingevolge HR BNB 1965/160 (opgenomen in 6.2) nettocompartimentering plaatsvindt ter zake van op de landbouwgrond gerealiseerde voordelen. Bovendien is de landbouwvrijstelling een nettovrijstelling, zodat bij het bepalen van de omvang van de vrijstelling moet worden uitgegaan van de zuivere opbrengst, waarbij de aan- en verkoopkosten van de grond dienen te worden toegerekend aan een vrijgesteld en een niet-vrijgesteld deel. Deze kenmerken van de landbouwvrijstelling leiden er volgens de Rechtbank toe dat de hoogte van de vrijstelling bij herwaardering niet eenvoudig kan worden bepaald:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f1033ccff29e3f6c8af8d65502565c5f04b0917062d383ab1fcc9c6e962f01d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f1033ccff29e3f6c8af8d65502565c5f04b0917062d383ab1fcc9c6e962f01d, en de alinea staat in dat document op bytes 30979 tot 31957.