Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 april 2015
Onder 5.35 Parket bij de Hoge Raad 17 april 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:504.
Het standpunt dat het pandrecht is tenietgegaan berust op de, wegens haar eenvoud op het eerste gezicht aantrekkelijke, gedachte dat bij vermenging sprake is van originaire rechtsverkrijging. Dit heeft tot gevolg dat de zaak waarop het pandrecht is gevestigd, verdwijnt als gevolg van de vermenging. Het kan geen verbazing wekken dat ZSP dit standpunt met verve verdedigt. De enige manier om daaraan te komen lijkt het aannemen van zaaksvervanging. Volgens ZSP ontbreekt daarvoor de wettelijke grondslag. Zij zoeken voor die opvatting steun bij Spath. Het lijkt mij twijfelachtig of dat juist is. Zij schrijft immers ook dat bepalingen over zaakvervanging zich lenen voor extensieve uitleg wanneer de ratio van de bepaling aanwezig lijkt te zijn. Ik zou het verdedigbaar vinden als zaaksvervanging in een geval als dit zou worden toegepast, ook al is art. 3:229 BW beperkt tot vorderingen. Het eigendomsrecht van de verpande zaak blijft immers door mede-eigendom in stand, zodat ook het pandrecht gewoon voortduurt. Uw Raad heeft weliswaar voor een ruime toepassing van zaaksvervanging geen grond gezien , maar ik neem aan dat een geval als dit buiten de ratio van de beperking valt. Naar mijn opvatting is toepassing van zaaksvervanging in een geval als dit bovendien niet nodig. Een eenvoudig voorbeeld kan dit verduidelijken. Wijnhandelaar A heeft in een vat 1000 liter wijn van een Franse verkoper B. Daarop rust een pandrecht van C. Als A na een nieuwe levering van B het vat bijvult met 100 liter van dezelfde soort wijn, zou in een restrictieve uitleg het pandrecht van C tenietgaan. Ik zie echter geen enkele reden waarom het pandrecht niet zou kunnen blijven bestaan op 1000 liter wijn, ook al is niet meer na te gaan of dat precies dezelfde wijn is als die al in het vat zat. Er kan immers geen twijfel over bestaan dát die 1000 liter wijn nog steeds aanwezig is. Voor de onderbouwing van mijn standpunt verwijs ik naar het proefschrift van Sagaert. Hij komt na een rechtsvergelijkend onderzoek tot de conclusie dat
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a82f402a99965cba4ade192e912b20fb4a73c0a7b25429d48136fbfa8cb1cf49. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a82f402a99965cba4ade192e912b20fb4a73c0a7b25429d48136fbfa8cb1cf49, en de alinea staat in dat document op bytes 88561 tot 90857.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a82f402a99965cba4ade192e912b20fb4a73c0a7b25429d48136fbfa8cb1cf49 | shasum -a 256