Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2015
Alinea 199 Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:583.
Op 14 mei 2013 werd door mij, verbalisant [verbalisant 3], als forensisch onderzoeker op verzoek van Politie Utrecht een forensisch onderzoek verricht. Tijdens het ingestelde onderzoek werd door mij het navolgende bevonden en waargenomen. Het goed wat aangeboden werd voor een vervolgonderzoek betrof de verpakking waarmee het kunstobject, de monstrans, door aangehouden verdachten met zich gevoerd werd. Ik ontving deze verpakking verpakt in een papieren zak en gewaarmerkt met kennisgeving van inbeslagneming onder goednummer PL091A-2013022772-843365. In de papieren zak trof ik in totaal drie vuilniszakken aan. De vuilniszakken werden door mij als een geheel onderzocht op de aanwezigheid van dactyloscopische sporen. De volgende dactysporen werden veiliggesteld:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e52a0fc57a655a8461b0fb7e7049506f4e1c05a6cfde15170866c46ccb8e032. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e52a0fc57a655a8461b0fb7e7049506f4e1c05a6cfde15170866c46ccb8e032, en de alinea staat in dat document op bytes 35073 tot 35853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7e52a0fc57a655a8461b0fb7e7049506f4e1c05a6cfde15170866c46ccb8e032 | shasum -a 256