Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015
Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:591.
Zonder nadere toelichting is in het bijzonder onbegrijpelijk het oordeel dat [eiseres] het bestaan van de lastgevingsovereenkomst nader zou moeten toelichten of met bewijsstukken zou moeten onderbouwen. Het hof heeft dat door het middel gewraakte oordeel kennelijk mede gebaseerd op zijn oordeel dat uit de eerdere brief van de curator van 26 maart 2010 volgt dat niet sprake is van een lastgevingsovereenkomst nu daarin wordt vermeld dat de boedel niet als ‘opdrachtgever’ wordt beschouwd. Die uitleg is in de context van die brief evenwel zonder nadere motivering onbegrijpelijk. Het hof heeft dat gewraakte oordeel voorts mede daarop gebaseerd dat in die eerdere brief wordt vermeld dat [eiseres] de kosten van de procedure dient te dragen terwijl in de brief van 12 december 2012 staat vermeld dat de vordering voor rekening van de boedel kan worden geïncasseerd. Daarmee zijn deze twee brieven, anders dan het hof oordeelt, niet zonder meer met elkaar in strijd. De omstandigheid dat de proceskosten voor rekening van [eiseres] blijven, verhindert immers niet dat de vordering in zoverre voor rekening van de boedel wordt geïncasseerd dat [eiseres] als lasthebber van de boedel op eigen naam optreedt en dat hetgeen wordt toegewezen op de derdenrekening van de curator moet worden gestort. De vraag wie uiteindelijk de proceskosten draagt, [eiseres] of de boedel/de curator, regardeert CAV verder niet en is niet beslissend voor de vraag of sprake is van lastgeving. Daarbij komt dat, zoals het middel naar voren brengt, het belang van CAV is gelegen in het verkrijgen van zekerheid dat zij niet nogmaals tot betaling van de vordering zal zijn gehouden. Die zekerheid wordt CAV geboden in de door [eiseres] overgelegde brief van de curator. Het oordeel van het hof dat de gang van zaken in eerste aanleg, waar [eiseres] de brief van de curator waarin deze de cessieovereenkomst had vernietigd, in strijd met art, 21 RV had ‘achtergehouden’, voor [eiseres] reden temeer was thans wel volledige openheid van zaken te geven, bouwt voort op de daaraan voorafgaande overwegingen van het hof en maakt zijn gewraakte oordeel niet begrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02b7f964f847273fd47a02ec43e1a86e16cfb520691b9cd62f36b2b697092ddc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02b7f964f847273fd47a02ec43e1a86e16cfb520691b9cd62f36b2b697092ddc, en de alinea staat in dat document op bytes 34629 tot 36794.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/02b7f964f847273fd47a02ec43e1a86e16cfb520691b9cd62f36b2b697092ddc | shasum -a 256