Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015

Onder 3.22 Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:596.

Onderdeel 2.1 klaagt vervolgens: “‘s Hofs oordeel in rov. 2.6 en 2.7 TA-2 dat Etirc voor haar inkomsten geheel/volledig ‘afhankelijk was van de betalingen door Riro Ventures’, zoals herhaald en gehandhaafd in rov. 2.2 TA-3 en rov. 2.2 en 2.25 EA en tot uitgangspunt genomen voor zijn daarop voortbouwende (als vooronderstelling in rov. 2.7 TA-2, rov. 2.2 TA-3, rov. 2.2 en 2.25 EA gegeven) oordeel dat, samengevat, het niet-factureren en innen bij Riro Ventures van de aan Etirc toekomende bedragen conform haar consultancyovereenkomst met Riro Ventures er ‘onherroepelijk’ toe zou ‘leiden dat Etirc niet in staat was de facturen van de Consultants te voldoen en daarvoor ook geen verhaal zou kunnen bieden’, is in het licht van vorenbedoelde, in cassatie veronderstellenderwijs voor juist te houden, stelling van [eiser] c.s. dat in 2008 en tot maart 2009 de verwachting reëel was dat Etirc uit de lening van de Russische VEB bank zou worden betaald met welke gelden zij jegens de Consultants haar betalingsverplichtingen zou (kunnen) voldoen, onbegrijpelijk.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0e275d69a0ea483feffbfc61fcd2b4acb88d26ffceddc60f024f4c244d013c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0e275d69a0ea483feffbfc61fcd2b4acb88d26ffceddc60f024f4c244d013c2, en de alinea staat in dat document op bytes 36141 tot 37234.