Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 april 2015

Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 23 april 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 april 2015, ECLI:NL:PHR:2015:608.

Het antwoord op de vraag of hier sprake is van een nieuw of van een gebruikt voertuig, is van groot belang voor de hoogte van de BPM. Immers, slechts als er sprake is van een gebruikt voertuig kan sprake zijn van een afschrijving op basis van art. 10 Wet BPM. De wet zelf kent geen definitie van het begrip ‘gebruikt voertuig’. De inmiddels vervallen Leidraad BPM uit 2006 bepaalde hierover: ‘Motorrijtuigen waarvoor geen kenteken is afgegeven of waarvan het kenteken niet op naam is gesteld, èn waarmee 6.000 km of minder is afgelegd, worden alleen als gebruikt aangemerkt als zij duidelijke sporen van gebruik vertonen. Het criterium van 6.000 km sluit aan bij de omzetbelastingwetgeving in het kader van intracommunautaire transacties'. De auto in de onderhavige procedure heeft sinds de productiedatum 1 mei 2008 kennelijk eerst tot 24 februari 2010 ongebruikt stilgestaan, heeft daarna een Duitse datum van eerste toelating van 24 februari 2010 en wordt vervolgens op 24 maart 2010 in Nederland geregistreerd. De auto vertoont duidelijke gebruikssporen. Rechtbank Arnhem komt mijn inziens terecht tot de conclusie dat er sprake is van een gebruikte auto. De inspecteur stelde nog dat er sprake is van een U-bochtconstructie. Die term kwamen wij ook tegen in het wetsvoorstel Overige Fiscale Maatregelen 2010, waarin bestrijding van die constructie werd aangekondigd. (…).. Voor de bestrijding zou wijziging van de Leidraad plaatsvinden, maar het nieuwe Kaderbesluit BPM (NTFR 2010/1526) vermeldt hier niets over. Dat is ook niet per se nodig, omdat dit in de jurisprudentie wordt ingevuld. In het HR 29 mei 2009, nr. 08/00824, NTFR 2009/ 1316, ging het bijvoorbeeld om in Duitsland aan Nederlanders verkochte ongebruikte personenauto’s die na die verkoop eerst kortdurend in Duitsland op kenteken werden gezet om daarna als gebruikte auto’s ingevoerd te worden. De BPM-heffing diende volgens de Hoge Raad plaats te vinden op basis van het uitgangspunt dat dit nieuwe auto’s betrof. In bovenstaande zaak liggen de feiten echter ander[s, RIJ] en heeft de eerste toelating in Duitsland reeds plaatsgevonden voor de aankoop door belanghebbende. Bovendien maakt het mijns inziens ook nogal een groot verschil of er (zoals in de casus van genoemd arrest) sprake is van 29, 130 of 214 kilometer dan wel van 2.919 kilometer met duidelijke gebruikssporen zoals in de onderhavige zaak. Nu bestrijding van de U-bochtconstructie expliciet is aangekondigd, kunnen we hierover meer jurisprudentie verwachten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ae538d0b28e5d1a983ee2cbfda777943f82dbffacb5ca57feed5e1367b80dab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ae538d0b28e5d1a983ee2cbfda777943f82dbffacb5ca57feed5e1367b80dab, en de alinea staat in dat document op bytes 100004 tot 102543.