Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015

Onder 4.6. Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:67.

Indien de overwegingen van de Rechtbank aldus moeten worden verstaan dat zij daarmee tot uitdrukking heeft willen brengen dat het strafvorderlijke belang zich blijkbaar niet verzet tegen opheffing van de inbeslaggenomen auto met het oog op de waarheidsvinding dan wel op een eventuele mogelijkheid van verbeurdverklaring en onttrekking aan het verkeer, dan is haar oordeel tegen de achtergrond van hetgeen door de officier van justitie in raadkamer naar voren is gebracht zonder nadere motivering, die ontbreekt, evenwel niet begrijpelijk. De officier van justitie heeft in raadkamer immers aangegeven dat hij momenteel niet beschikt over stukken met betrekking tot het omkatten en dat hij bij een schorsing van het onderzoek het dossier kan aanvullen met de noodzakelijke stukken. Het lag derhalve op de weg van de Rechtbank in haar oordeel te betrekken dat en waarom niet kan worden ingegaan op het vorenstaande verzoek van de officier van justitie. Het enkele feit dat een beoordeling van het beklag op grond van de voorhanden zijnde stukken niet goed mogelijk is levert geen reden op om het beklag gegrond te verklaren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6c159f93ebb5142b4ba5e89a9bf1a4348c27d703bfc7570f09a76a0ce86f58b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6c159f93ebb5142b4ba5e89a9bf1a4348c27d703bfc7570f09a76a0ce86f58b, en de alinea staat in dat document op bytes 11437 tot 12637.