Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015

Onder 3.8.1 Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:711.

“3.4.1 Het Hof heeft in rov. 10 van zijn arrest van 21 maart 1995 geoordeeld ‘dat E., enerzijds gezien zijn positie bij AM en AB, anderzijds gezien zijn overwegende persoonlijke betrokkenheid bij de gang van zaken, samen met AM en AB hoofdelijk aansprakelijk is voor de schade die het gevolg is van hun nalatigheid’. Het Hof heeft in zijn eindarrest (rov. 6) overwogen dat het verloop van de procedure sinds het arrest van 21 maart 1995 het Hof geen aanleiding geeft van dat oordeel terug te komen. Onderdeel 2 bestrijdt voormeld oordeel en beroept zich daarbij op de omstandigheid dat E. c.s. hebben gesteld dat sedert de oprichting van AM, in 1975, de accountantswerkzaamheden ten behoeve van Robu door AM werden verricht, en dat sedert de enkele jaren later gevolgde oprichting van AB deze laatste als belastingconsulent van Robu fungeerde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2, en de alinea staat in dat document op bytes 68005 tot 68868.