Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015

Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:711.

Ten slotte zou het zwaartepunt kunnen worden gelegd bij de passage waarin wordt benadrukt dat het hier gaat om, iets geparafraseerd weergegeven, een gedraging die geheel losstaat van het handelen van de bestuurder als bestuurder. Zo opgevat, is allicht bedoeld dat [C] ’s handelwijze zo ver ligt buiten hetgeen hij als behoorlijk bestuurder had mogen doen, dat het rechtens niet (mede) gaat om handelen van de rechtspersoon maar louter en alleen om handelen van de natuurlijke persoon die toevallig ook nog bestuurder is. Deze lezing is vermoedelijk het meest aantrekkelijk omdat het arrest dan een heel beperkte strekking heeft. Juridisch is het dan verklaarbaar, maar feitelijk niet echt. Is het reëel om te veronderstellen dat de bestuurder van een vennootschap, die mede de naam draagt van de betrokken bestuurder, van mening was dat zijn handelwijze lag buiten hetgeen hij namens de vennootschap mocht doen en deed?

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2, en de alinea staat in dat document op bytes 94717 tot 95717.