Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015
Onder 4.21 Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:711.
Evenmin wordt bestreden dat [verweerder] c.s. de litigieuze mails redelijkerwijs niet anders hebben mogen opvatten dan als een klacht over de dienstverlening (rov. 4.5.8). Bij die stand van zaken doet zich de enigszins navrante omstandigheid voor dat [verweerder] c.s. menen dat het Hof buiten de rechtsstrijd is getreden door hun – naar in ’s Hofs oordeel besloten ligt – onware maar in hun visie niet bestreden, stelling niet te honoreren. Dat is wel een heel bijzondere invulling van art. 21 Rv.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2, en de alinea staat in dat document op bytes 134541 tot 135058.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/edda256e69e4e5ae49fcbe893076495967f04dbab4a0f1412164453fcf1844d2 | shasum -a 256