Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Onder 2.2.12 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:729.
Ik denk dat dit niet klopt; het betreft geen “ja, maar-verweer”, maar een “nee, want-verweer” van de providers tegen de gevraagde blokkade. Volgens art. 150 Rv draagt de partij die zich beroept op rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten of rechten de bewijslast van die feiten of rechten, tenzij uit enige bijzondere regel of uit de eisen van redelijkheid en billijkheid een andere verdeling van de bewijslast voortvloeit. Volgens de hoofdregel moet Brein die een blokkeringsbevel vordert stellen en bij betwisting bewijzen dat de gevraagde maatregel “doeltreffend, evenredig en afschrikwekkend” is, om aan te sluiten bij de terminologie van de meerbesproken richtlijnen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb6e89026e84502023e937372685fdc7e2a60df44634417f5caff0c063bbfabd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb6e89026e84502023e937372685fdc7e2a60df44634417f5caff0c063bbfabd, en de alinea staat in dat document op bytes 118095 tot 118796.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cb6e89026e84502023e937372685fdc7e2a60df44634417f5caff0c063bbfabd | shasum -a 256