Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Onder 2.36 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:808.
Onderdeel 11 klaagt dat, voor zover het hof in rov. 21 heeft geoordeeld dat reeds uit het enkele profijt c.q. de enkele toegevoegde waarde van de leerlingen voor de leerbedrijven, ondanks het feit dat de leerlingen (naar althans in cassatie als uitgangspunt moet worden aangenomen) “het leerbedrijf per saldo meer kosten dan opleveren” , het bestaan van een uitzendovereenkomst tussen Logidex en de leerlingen volgt, dat oordeel onjuist is, althans onvoldoende begrijpelijk is gemotiveerd. Zulk een profijt c.q. toegevoegde waarde impliceert immers niet zonder meer “arbeid” in de zin van art. 7:610 respectievelijk art. 7:690 BW, en is ook anderszins niet voldoende om een uitzendovereenkomst te mogen dan wel te kunnen aannemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4, en de alinea staat in dat document op bytes 67986 tot 68816.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4 | shasum -a 256