Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Onder 2.37 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:808.
Het onderdeel slaagt echter, voor zover het betoogt dat het hof zijn (impliciete) oordeel dat van arbeid in de zin van art. 7:610 BW sprake is, niet enkel heeft kunnen baseren op de aanname dat de werkzaamheden van de leerlingen (in enige mate) profijtelijk en/of (in enige mate) van toegevoegde waarde zijn geweest voor de leerbedrijven. Voor de onderbouwing van deze conclusie verwijs ik naar de bespreking van de onderdelen 2-6.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4, en de alinea staat in dat document op bytes 69366 tot 69811.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4 | shasum -a 256