Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Onder 2.39 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:808.
Het hof heeft allereerst gememoreerd dat Logidex heeft gesteld dat gemiddeld slechts 55% van de betaalde dagen productief zijn en dat de leerlingen voor de leerbedrijven gemiddeld meer kosten dan zij opleveren (de eerste volzin van rov. 21). Deze stellingen heeft het hof niet - bijvoorbeeld als onvoldoende aannemelijk - verworpen. Als het hof de bedoelde stellingen al niet als vaststaand heeft aangenomen, heeft het de juistheid daarvan althans in het midden gelaten, door kennelijk te oordelen dat deze stellingen, ook indien zij juist zijn, een uitzendovereenkomst niet uitsluiten . De daarop volgende overwegingen komen erop neer dat, nu de leerbedrijven bereid zijn zelfs méér dan het minimumloon te betalen, het niet aannemelijk is dat de leerbedrijven in het geheel geen profijt van de werkzaamheden van de leerlingen hebben. Het hof heeft vervolgens geconcludeerd - kort gezegd - dat daarom niet is gebleken dat de werkzaamheden van de leerlingen primair op hun scholing zijn gericht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4, en de alinea staat in dat document op bytes 71816 tot 72888.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4 | shasum -a 256