Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015

Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:808.

Blijkens de onderstreepte bewoordingen is het hof volgens het middel ten onrechte ervan uitgegaan dat de vraag naar het bestaan van arbeids- en opdrachtovereenkomsten en daarmee van uitzendovereenkomsten van nevengeschikte orde is naast de belangen van de onderwijsinstelling en de leerlingen op de voet van de vierpartijenovereenkomst bij het vergroten van eigen kennis en het opdoen van werkervaring door de leerlingen met de overwegende gerichtheid daarop van hun werkzaamheden bij de leerbedrijven. Daarmee heeft het hof, nog steeds volgens het middel, miskend dat het preponderante karakter van die belangen betekent dat de vraag naar het bestaan van arbeids- en opdrachtovereenkomsten en daarmee van uitzendovereenkomsten überhaupt niet meer aan de orde kan komen, zodat het ten onrechte heeft aangenomen dat zulke overeenkomsten bestaan (onderdeel 6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4, en de alinea staat in dat document op bytes 32880 tot 33752.