Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Onder 2.8 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2015, ECLI:NL:PHR:2015:808.
“3.3.3. Bij de toetsing of een rechtsverhouding beantwoordt aan de criteria voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst moet acht worden geslagen op alle omstandigheden van het geval, in onderling verband bezien. Daarbij dienen niet alleen de rechten en verplichtingen in aanmerking te worden genomen die partijen bij het aangaan van de rechtsverhouding voor ogen stonden, maar dient ook acht te worden geslagen op de wijze waarop partijen uitvoering hebben gegeven aan hun rechtsverhouding en aldus daaraan inhoud hebben gegeven (vgl. HR 25 maart 2011, nr. 10/02146, LJN BP3887, BNB 2011/205). Voorts is niet één enkel kenmerk beslissend, maar moeten de verschillende rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden in hun onderling verband worden bezien (zie HR 14 november 1997, nr. 16453, NJ 1998/149, onderdeel 3.4, en HR 13 juli 2007, nr. C05/331HR, LJN BA6231, NJ 2007/449, onderdeel 3.5).”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4, en de alinea staat in dat document op bytes 38284 tot 39217.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a11b38bf2bcfc4c8233baf63052663c08d70732aa76ef1552f947a5d56a4b2b4 | shasum -a 256