Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2015
Onder 5.37 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:939.
Wie zich richt op de inbrengdatum, zal het gevoel kunnen krijgen dat de inbrenger door het ‘afboeken’ van het onderrendement een deel van de al opgetreden waardestijging niet mag ‘meenemen’ naar de werkzaamheidsbalans. Maar deze gedachte is, zo zij zou postvatten, niet juist. Met het doel dit te verhelderen heb ik de grafiek opgenomen. Door de vestiging van het opstalrecht tegen een vaste of onvoldoende geïndexeerde retributie wordt een deel van de eventueel optredende stijging van de ‘getaxeerde waarde’ weggenomen doordat het rendement niet mee omhoog gaat. Een koper kent weliswaar belang toe aan de stijging van de vrije waarde, maar houdt er ook rekening mee dat hij voor een bepaald aantal jaren vastzit aan een contract dat die waardestijging niet adequaat weerspiegelt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7abc94d65a11bac5dc2fccd882e9f994bb5d08feefe417bc61d4e55e2d273b12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7abc94d65a11bac5dc2fccd882e9f994bb5d08feefe417bc61d4e55e2d273b12, en de alinea staat in dat document op bytes 128377 tot 129185.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7abc94d65a11bac5dc2fccd882e9f994bb5d08feefe417bc61d4e55e2d273b12 | shasum -a 256