Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2015
Onder 6.12 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2015
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:998.
Artikel 13a, lid 3 van de Wet BPM schrijft sinds 1 januari 2012 (zie punt 5.3.12 van deze conclusie) voor een geval als het onderhavige voor – via de verwijzing naar artikel 10, lid 6, van de Wet BPM – dat bij de berekening van de alsnog verschuldigde bpm gebruik wordt gemaakt van de tabel van artikel 8, lid 6, van de UR BPM. Zoals ik in 5.3.17 al betoogde acht ik dit niet in overeenstemming met de geest van de tabel, die beoogt de waardedaling van een personen auto (en niet van een bestel auto) weer te geven. Dat neemt echter niet weg dat de wet nu eenmaal luidt zoals zij luidt: lex dura, sed lex. .Zoals ik opmerkte in punt 6.9 van deze conclusie staat ook het Europese recht in een geval als het onderhavige niet in de weg aan toepassing van het wettelijke voorschrift, nu in casu een binnenlandse, ‘interne’ situatie aan de orde is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/701bcf995c040f338b5e2051ccc201783356e8885fcac13f18b0a870f19785a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 701bcf995c040f338b5e2051ccc201783356e8885fcac13f18b0a870f19785a1, en de alinea staat in dat document op bytes 79200 tot 80135.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/701bcf995c040f338b5e2051ccc201783356e8885fcac13f18b0a870f19785a1 | shasum -a 256