Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016

Onder 2.27 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:10.

Voor zover klacht 1 geacht wordt tevens betrekking te hebben op de afwijzing van de vordering uit onverschuldigde betaling op de grond dat van het ontbreken van een rechtsgrond geen sprake is, faalt deze eveneens. Het hof heeft de door het subonderdeel onder i tot en met iii genoemde omstandigheden in zijn oordeel betrokken (zie hiervoor onder 2.23), terwijl de onder iv en v genoemde stellingen niet van dien aard zijn dat het hof daarop in zijn motivering in dit kader nog expliciet had moeten responderen. Uit het feit dat deze omstandigheden niet met zoveel woorden worden vermeld, mag overigens gewoonlijk niet worden afgeleid dat het hof die niet in de beoordeling zou hebben betrokken. Het onderdeel legt bovendien niet uit waarom het oordeel van het hof in het licht van deze omstandigheden zonder nadere motivering onbegrijpelijk zou zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/936d39e7a9bc225334e9a15b9db47bb40723d1553b7861466e4732b08406a017. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 936d39e7a9bc225334e9a15b9db47bb40723d1553b7861466e4732b08406a017, en de alinea staat in dat document op bytes 86165 tot 87029.